De Nederlanders lijken in steeds meer geïsoleerde situaties te verblijven. We zijn tevreden met onze eigen acties, maar we maken ons zorgen over het potentieel van Nederland. We hebben veel meningen over andere mensen, en de stem van het argument beïnvloed polarisatie. Hoewel het lijkt op een sociale kwestie, is dit niet alleen dat.
Elke organisatie moet overeenkomen met een samenleving waarin de houding van individuen steeds minder zelfbewust is. Hoe goed weten we als Autoriteit Financiële Markten (AFM) dat de maatschappij die we regeren eigenlijk echt is? En wat betekent dit precies voor onze arbeid?
Theoretische machtspositie
Professor Mark Bovens beschrijft technisch opgeleide mensen in zijn gids Diploma Democratie als de setting voor de Nederlandse cultuur. Ze verschijnen vaker bij de peilingen, veroorzaken meer oproer in het gesprek, en vaak houden belangrijke posities in de overheid en het beleid. Interessante organisaties zijn populairder geworden en professioneel. Dat is relevant omdat theoretische en praktische geleerden het niet altijd eens zijn over sociale kwesties. De volgende groep, die vooral bezorgd is over betaalbaarheid, beweging en stabiliteit, staat bovenaan de lijst voor onderwijs, gelijkheid en klimaat.  ,
Pessimisten beweren af en toe dat degenen met theoretisch hoge niveaus van vaardigheden alleen krijgen wat ze willen. Nerveus ontdekt.
Voor bazen, technisch geneigd mensen komen ook voor. En ook al heb ik er geen onderzoek naar gedaan, ik heb een vermoeden dat ze vooral met collega’s zijn, zoals de typische filosofische wetenschappers. Kennis bepaalt echter hoeveel perceptie wordt beïnvloed door ervaring. We maken gebruik van dossiers, studies en klantdiscussies, maar we zoeken vooral naar wat bij ons eigen gezichtsveld past. In een zakelijke omgeving worden blinde vlekken snel gestraft. We moeten actief optreden. Als we het bijvoorbeeld persoonlijk hadden doorgenomen, zou discriminatie eerder naar voren zijn gekomen in de antiwitwaswet (Wwft).
Een risicomanager neemt beslissingen. Het onderzoekt zowel onwettige als gevaarlijke technieken. zowel wat de politieke boodschap als de politiestrategie betreft. En natuurlijk, wat je als gevaarlijk en prioriteit beschouwt heeft een bepaald niveau van individualiteit.  ,
Als AFM besteden we veel tijd aan het milieu. De (verlangende) impact van bedrijven op het klimaat kan meer worden gezien als een concept of keuze dan als een kwestie van het veranderen van de waarde van bedrijven en investeringen, of de waarde van woningen en stichtingen en overstromingsrisico.  ,
Arbitrator die gescheiden is
Dan is er de polarisatie. We worden steeds meer ondergedompeld in een wereld van goed en kwaad, in zwart en wit. een planeet waar emoties en beelden overheersen. Niet zomaar een normale biotoop voor autoriteiten. We zijn bereid om mogelijke belangenconflicten adequaat aan te pakken en passende maatregelen te nemen als er in specifieke omstandigheden iets misgaat. Er zijn hier letterlijk veel namen, cijfers en details. Kunnen we fragmentatie afwijzen? Helemaal niet. Natuurlijk moeten we eerst garanderen dat we onze taken als scheidsrechters met macht kunnen vervullen. We zijn gescheiden, niet zoals we horen in een tent. Dat vraagt om voorzichtigheid en moed in woorden, gewoonten en aandacht voor hoe dingen eruit zien.
Daarnaast stelt het ons voor uitdagingen aan onze zorg. Dat geldt niet voor de bedrijven die we controleren, misschien als we onze eigen weg kunnen gaan. Ze zijn soms oud in het weer. Denk aan multinationals met bomen in de Verenigde Staten. Klimaat, variatie en integratie zijn sociaal verpakte concepten. Wat doen we als bedrijven in jaarverslagen hun ESG-doelen in nieuwe (code ) taal vermelden en hun doelen minder hard schreeuwen om het gesprek aan de andere kant van de oceaan beheersbaar te houden? Gebruiken we de term “niet duidelijk”? Of richten we ons op het onderliggende doel?  ,
Inlevingsvermogen
Nederland was vanaf het begin een verdeeld land. Individuen volgden hun eigen best tijdens het verstoppen. De tijden zijn voorbij. We volgen onszelf tegenwoordig grotendeels. Door toewijding is schimmel onderdrukt. Ik denk God, denk ik. Toch vraagt het om een aantal politieke en maatschappelijke bijdragen. En meer verleidelijk, zowel van financiële instellingen als van een officier. Kijk naar antennes, oog op stengels en medeleven. Maar we gaan door via een complex web van beelden en bubbels.